Op 27 december 1949 heeft Nederland Nederlands-Indië aan Indonesië overgedragen. Dit land werd na ruim 300 jaar onafhankelijk van overheersing door de Nederlanders. Vanaf dat moment werd de toen nog in Indonesië aanwezige Nederlands-Indische bevolking gevraagd of zij voor de Warga Negara (Indonesisch staatsburgerschap) wilden opteren. De blanke Nederlanders (Totoks) moesten vrijwel direct het land verlaten. De Indo's (uit een Europese ouder en uit een Indonesische ouder geborenen) werden voor de keus gesteld. De meesten besloten hun geboorteland te verlaten. Ze kwamen naar Nederland met het gevoel dat ze ”weggejaagd” waren uit hun geboorteland.
In de vijftiger jaren, toen Geuzenveld werd gebouwd, kwamen veel van deze mensen in ons stadsdeel wonen. Een groot aantal woont er nog steeds. Elke dinsdagmiddag komen ze bij elkaar bij Stichting De Brug. Speciaal voor hen wordt De Brug op deze middag omgedoopt tot “Jembatan”, dat brug betekent in het Maleis. Zij halen herinneringen op over het oude Indië, van voor de oorlog. Zij vertellen over de oorlogsperiode die tweemaal zolang duurde als de oorlog in Europa, omdat ná de oorlog tegen Japan, de vrijheidsstrijd (de strijd om de onafhankelijkheid) begon, en pas eindige na de overdracht in 1949. Het waren twee oorlogen die direct op elkaar volgden.
In ons stadsdeel, maar ook niet in Amsterdam, is een monument te vinden dat vertelt of herinnert aan de oorlog en politionele acties in Indië. Om ‘hun oorlog te gedenken’ moet men altijd nog naar Amstelveen, waar jaarlijks op 14 augustus een herdenking wordt georganiseerd. Op 15 augustus vieren de Indische-Nederlanders de bevrijding van de Japanse onderdrukker. In Den Haag staat het nationale Indië monument. In Amsteldam-Zuid staat het Van Heutszmonument. Het stadsdeel Zuid overweegt om het Van Heutszmonument om te bouwen tot een Indië monument. Dit monument is echter geen herinnering aan de oorlog, maar herinnert aan de Nederlandse overheersing tijdens een lange koloniale periode.

Indische lieverds !
Wat een heerlijke en lieve mensen waren het, onze Javaanse buren, de fam. Mees in de Wigbolt Ripperdastraat, ik heb nooit, ook later niet, zulke lieve en gastvrije mensen meegemaakt, en dat gold voor alle Indische mensen die ik heb gekend, altijd kon je binnenkomen, altijd moest je mee eten, en soms voelde je je zo bezwaard en dorst je geen ja te zeggen, uit angst dat je teveel van hun goedheid misbruik maakte, hun zoontje Gerard, die van mijn leeftijd was en dus mijn vriendje, was wel van een andere afkomst, maar dat zag ik nooit zo, en van discriminatie had je al helemaal nog nooit gehoord. Oooh, en dan dat heerlijke eten, wat een geweldige vooruitgang en toevoeging voor onze simpele hollandse keuken.... Slamat makan was ook het eerste buitenlands (maleis toch?) wat ik leerde. Op latere leeftijd had ik altijd wel indische vrienden, gewoon omdat ze altijd eerlijk waren en zeer betrouwbaar... (goed oké, ze hielden wel van uitslapen... dus je moest dan wel eens wachten, maar dat wist je....) Ik zou willen dat alle mensen ter wereld het karakter zouden hebben van onze lieve Indische wereldburgers, in ieder geval van zij die hier ons land zijn komen verrijken, wat zou de wereld er dan een heel stuk beter uitzien.