Eerder schreven Alex Krull en anderen over de winkels op de Bos en Lommerweg. Alger Algra kan dat - vanuit Friesland - aanvullen met wat herinneringen van "de andere kant", van de Admiraal de Ruyterweg tot aan de Willem de Zwijgerlaan. Vandaag deel 1.
Als je bij Matto de weg overstak, was er op de hoek een winkel die me niet meer bij staat, maar even verderop op de Admiraal de Ruyterweg was de fietsenwinkel van Bekema. Daar kocht ik ooit van mijn zakgeld een batterij en een fietslampje. Ik had geen geld voor een echte zaklantaarn (zoeen van Daimon wilde je hebben!), maar zonder omhulsel dacht ik ook wel onder de dekens te kunnen lezen. Heftige teleurstelling, eenmaal thuis. Het lampje brandde niet. Terug dus naar Bekema, die me vaderlijk uitlegde dat er ook een draadje moest van de zijkant van het lampje naar de onderkant van de batterij..
Op de Bos en Lommerweg kreeg je eerst een drogisterij, daarna de aardappelhandel van Lindeman. Geen groenten? Misschien wat uien, wortelen en 's winters zuurkool-uit-het-vat. Langs de wanden allemaal bakken met aardappelen, waar de vijf, zes verkopers met een metalen bak de gevraagde aardappels in schoven. Dan ging de bak op de vrijhangende weegschaal.
In het uitspringende gedeelte bij de Kijkduinstraat zat een bakker. Eén die niet bezorgde (de meeste bakkers deden dat wel, met een broodkar), maar die op zeker moment wel een broodoorlog begon: 44 cent voor een witbrood, groot aangeplakt op de winkelruit.
Stak je de Kijkduinstraat over, dan kwam je bij de slijter op de hoek. Uithangbord: "Drink louter Kabouter". Daar kwam je als jongetje uit een net gezin dus niet. Tot ze daar (als eersten) ook Coca Cola gingen verkopen. Cola was eerst iets dat je alleen in de horeca kon krijgen. Raar voor ons, zo dicht bij de Coca Cola-fabriek! In het rijtje dat volgde zat in elk geval een sigarenwinkel en een kleine leesbibliotheek, een particuliere. Iets anders dus dan de Openbare Leeszaal en Bibliotheek. Die zat in een laag koppand bij de Vierheemskinderenstraat in de buurt.
Aan de overkant vond je onder andere kapper Jansen, daarnaast slager Kerklingh (beroemd om z'n leverworst). Daar stopte regelmatig de vleesleverancier. Halve koeien en varkens werden naar binnen gedragen door mannen met een jak-met-capuchon. En de wagen met ijsstaven (afkomstig van de Karperweg) leverde er vaak af. Kennelijk waren er nog geen elektrische koelinstallaties. Naast Kerklingh zat een melkwinkel, waar ze ook kaas en eieren verkochten. Een drogist, die me met argwaan zoutzuur verkocht toen ik eens scheikundig aan de gang wilde. Even verderop zat de ijzerwinkel. Die deden in gereedschap, spijkers en schroeven, verf en kwasten, maar ze hadden ook hout en glas, in een schuur op de binnenplaats. De hele wand achter de toonbank bestond uit laatjes, met een voorbeeld van de schroef, spijker of scharnier op de voorkant. Een voorloper van onze doe-het-zelf-winkels.
Gepubliceerd op
Reacties (3)
in memoriam Slijterij Reijnders bos en lommerweg
Op de plaats waar nu bakkerij Bertram is gevestigd zat de Slijterij van mijn achterneef (volle neef van mijn vader) Rinus Reijnders die samen met zijn vrouw Alie de winkel jaren lang heeft gerund. Het zure van alles is dat op de dag dat "ome" Rinus voor de laatste keer de winkel achter zich sloot, ook de dag is dat hij in zijn caravan op de camping is heengegaan. Ook zoon Ronald die een goedlopende visstal had op het plein voor station Sloterdijk is tijdens zijn werk gestorven. Opdat beiden niet zullen worden vergeten, draag ik dit stukje op aan hen. Rinus en Ronald Reijnders.
Nog een winkel op de Bos en Lommerweg
Beste Alger,
Ik woonde tussen 1955 en 1959 op de Bos en Lommerweg. De plek waar ik woonde heb je in je aanvulling overgeslagen.
Tussen de sigarenwinkel (in mijn tijd van Ger en Rie Drenth) en de kleine leesbibliotheek (onderdeel van de kantoorboekhandel van Timmerman) zat de schoenmakerij/lederwarenzaak waar mijn ouders Jan en Ans Swinkels filiaalhouder van waren. De winkel heette "De Bizon" en daar waren meer vestigingen van. In 1959 verhuisden we naar de Ruyterweg bij de Krommerdt en openden daar een grotere zaak die "De Ledercentrale" werd genoemd. Tot 1999 hebben mijn ouders daar nog gewoond, met de zaak waren ze een paar jaar eerder al gestopt.
Achter de kantoorboekhandel/bibliotheek woonden in die tijd Maas Doppenberg en zijn vrouw Coos. Zij waren oom en tante van Lex Lammen die het prachtige boekje "De Kromme Admiraal" over de Blauwe Tram heeft geschreven.
Ger en Rie Drenth verhuisden later ook en hadden een tabakswarenzaak in de Leidsestraat.
Nico
Af en toe moesten de kinderen van De Rijpgracht, zoals ik, naar de Bos en Lommerweg. Wanneer één van mijn vriendjes zei: 'Ga je even mee naar Nico', dan hoefde ik niet lang na te denken. Naar Nico ging ik graag, al vond ik het een wat luguber winkeltje, op weg dus. Rechts van de Bestevaerstraat zat de veel grotere en luxere 'Splinter', met huishoudelijke artikelen en speelgoed. Links, bijna direct naast De Gruyter, zat 'Nico'. Een klein winkeltje waar een wat sombere man in 'stofjas' en met bril achter de toonbank stond om de klanten te helpen. Bij 'Nico' moest je zijn om 'klappertjes' te kopen. Klappertjes voor een klappertjespistool, die had je toen nog. Eerst losse klappertjes in een klein rond doosje, later een rolletje van een halve centimeter breed en ongeveer 25 cm lang. In het winkeltje kon je bijna je kont niet keren en net als bij Splinter waren hier ook huishoudelijke artikelen te koop en speelgoed, als ik het nog goed weet. In die tijd, jaren vijftig, waren we wel gewent om die stukjes te lopen. Er waren wel meer winkels, waar we zo af en toe kwamen. mijn 'Robinson' schoenen bijvoorbeeld, die kwamen daar bij de Bata vandaan. Trouwens, voor we weer op De Rijpgracht terug waren, was er meestal geen klappertje meer te bekennen. Deze aanvulling moest ik toch even kwijt.